Lowlands; de tweedeling

Afgelopen weekend was ik een van de 55.000 gelukkigen die 3 dagen Lowlands 2012 mocht meemaken. In februari zijn met veel moeite de kaartjes bemachtigd en dit weekend was het eindelijk zover. De weersverwachtingen waren uitstekend en de line-up, de lijst met bandjes, loog er beslist niet om. Dat worden 3 heerlijke dagen kamperen en genieten van muziek.

Op vrijdag komen we aan en mogen we ons tentenkamp vestigen op festivalcamping nummer 7. Na een mooie plek gevonden te hebben werpen we onze tent uit. Werpen? Ja, werpen. Zo gaat dat anno 2012. Men heeft tentstokken zo flexibele weten te maken dat ze je tent tegenwoordig al in de fabriek in elkaar zetten en voor je opvouwen in een klein pakketje. Rits het pakketje open en je tent klapt als een airbag tevoorschijn. Zo in je handen. Als een frisbee werpt men dan de tent op de plek van bestemming en voilà, er komt geen haring aan te pas. Het concept bestaat nu zo’n jaar of 3 en de bedenker van deze constructie is er hoogstwaarschijnlijk steenrijk mee geworden want het overgrote deel van de camping is bezaaid met dergelijke floepstenten. Het zijn er duizenden. Het is een ware hype en in alle verschillende kleuren worden ze zelfs best hip. Voor deze tentjes liggen goed gebronsde jongedames met kleine bikini’s en jongens in bloemzwembroeken te chillen. Omdat glas, blik, gasstelletjes en boxen niet zijn toegestaan drinken ze zelfgemaakte mixjes van wodka en fris (verhouding 1 op 1) uit anderhalve liter PET-flessen (zogenoemde pretflessen), eten ze chips als ontbijt, als lunch en als avondeten en luisteren ze naar elektronische popmuziek via hun I-phone. Het blokkenschema uit het programmaboekje is voor drie dagen hun ster aan de hemel. Per kwartier weet iedereen waar hij of zij moet zijn om niets te missen. Het is dus 3 dagen een kwestie van plannen, discipline en uithoudingsvermogen. (Toevallig de drie ingrediënten voor een topstudent)

Hoe anders zijn de andere tentjes.

Die zijn vies, zeer oud en het lijkt bij sommige of er een olifant aanzienlijke tijd op heeft paard gereden. De 40 jaar oude tentjes worden bij elkaar gehouden door kromme, roestige haringen die door de jaren heen verzameld zijn. Je raakt er eens een kwijt, je vindt er weer eens eentje. In het gras voor deze tenten liggen mannen die gezien hun leeftijd Woodstock nog hebben meegemaakt. Nu zijn het vaders onder elkaar die hun oude liefde weer op te zoeken. De sfeer. Ze drinken gewoon bier uit blik zoals het hoort, maken lauwe macaroni op hun vierpitter zoals het hoort en spelen de top 2000 weg op hun gitaar. Overdag jast de groep er een flinke boom op los. Om de eer maar bloedfanatiek. Zij laten zich niet uit de tent lokken door namen als Foo Fighters, Patrick Watson of Kasabian.

De heuse tweedeling op de camping, jongeren en ouderen, is prachtig om te zien. Niemand zit elkaar in de weg, er is wederzijds respect maar in het woordenboek onder ‘chillen’ zit toch echt een afbeelding van de heren voor de oude tentjes.

Ik spreek een groep aan. Het zijn inderdaad vaders. Allemaal. Een groep uit Alkmaar die elk jaar een weekendje kampeert met elkaar. Mannen, vrouwen, kinderen. Voor de verandering werd het dit jaar eens een festival. ‘’Een beetje het ‘een boormachine voor Moederdag geven’ idee’’ gaf de man al aan en de vrouwen wilden dus ook beslist niet mee. Een groot deel van hun zonen is ook op het terrein te vinden. Zij staan een veldje verderop. Pas geleden zijn ook zij met elkaar een vriendenclubje geworden dat volgens de man ook af en toe van de vrijheid geniet. ‘Van de vrijheid genieten’, hoe treffend kun je iets zeggen…

Terug bij mijn uitvalsbasis waar noch een gitaar, noch blikbier en noch lauwe prakjes macaroni te vinden zijn, staat de groep al klaar om te gaan. De route is tot 4.00 ’s nachts al uitgestippeld en we moeten nu toch echt gaan want anders missen we de eerste show. We verlaten onze werptenten-beursstand. Op weg naar het festival terrein lopen we weer langs de heren. Een knikje heen en een knikje terug. En bij mij ineens de wens. Ik wil later ook een vaders-zonen vriendengroep. Ik kan niet wachten. Ik wil ook bier drinken waar het niet mag, macaroni maken die niet kan tippen aan die van mijn vrouw en nummers spelen van Queen, The Stones en the Beatles op mijn gitaar. Maar vooral wil ik later kaarten. Kaarten met mijn beste vrienden met in mijn achterhoofd de gedachte dat onze zonen met elkaar van de vrijheid genieten. Dat is mooi. Dat is ontzettend mooi. Ik ga thuis meteen kijken of we nog een oude, vieze tent hebben waar een olifant op zit.

x